Wijn bij dessert: de regel van zoet bij zoet
Een dessertwijn kan een toetje naar een hoger plan tillen, maar er is één gouden regel: de wijn moet altijd minstens zo zoet zijn als het dessert. Is de wijn droger dan het toetje, dan smaakt hij flets en zuur. Zo combineer je per dessert.
Chocolade: kracht tegen kracht
Donkere chocolade is intens en licht bitter, en vraagt om een krachtige, zoete versterkte wijn. Een Port is de klassieker, en een Banyuls uit Zuid-Frankrijk — gemaakt voor chocolade — is een verbluffende match. De rijkdom van de wijn houdt stand tegen de cacao.
Fruitdesserts en taart: licht en zoet
Bij een fruittaart, sorbet of licht dessert past een lichte, zoete wijn met frisheid. Een Moscato d'Asti met zijn zachte bubbels en lage alcohol is heerlijk luchtig, en een lichte late-harvest houdt het zoet zonder zwaar te worden.
Crème brûlée en karamel: rijk en honingachtig
Gekarameliseerde, romige desserts zoals crème brûlée vragen om een rijke, honingachtige dessertwijn. Een Sauternes met zijn tonen van abrikoos, honing en botscotch spiegelt de karamel en de romigheid perfect.
Niet zeker welke fles?
Typ je gerecht in en Wijntje kiest direct drie wijnen die passen — met uitleg waaróm, en waar je ze koopt.
Vind een wijn bij je gerecht